simon.jpg

Simon

Simon icon_trailer.png

“Het wordt de beste Nederlandse film van het jaar”, zo voorspelde regisseur Eddy Terstall twee jaar geleden in het filmblad Skrien. Hij had het over zijn nieuwe productie SIMON, toen nog een film-in-wording. En warempel: dit najaar won SIMON als openingsfilm van het Nederlands Filmfestival liefst drie Gouden Kalveren (voor beste film, beste regie en beste hoofdrolspeler) plus de publieksprijs. Als klap op de vuurpijl werd de film bovendien boven CLOACA verkozen als Nederlandse inzending voor de Oscars.
Beter dan het kassucces CLOACA? Dat moet je zien om te geloven, maar SIMON is in elk geval minstens zo leuk. Terstall vertelt met veel vaart en zwarte humor het verhaal van de brutale Amsterdamse hasjdealer Simon (Cees Geel) die na lange tijd zijn oude jeugdvriend Camiel (Marcel Hensema) weer ontmoet. De twee zijn elkaars tegenpolen – de brave Camiel is homo en tandarts – maar hebben tegelijkertijd veel voor elkaar over. Zo krijgt Camiel de steun van Simon als getuige bij zijn homohuwelijk, en staat Camiel kankerpatiënt Simon bij in diens laatste dagen.
De film mixt drie hete hangijzers uit de Nederlandse samenleving – drugs, het homohuwelijk en euthanasie – waardoor SIMON boven het niveau van een komedie uitstijgt. Vergeleken met de handvol low-budget films die Terstall het afgelopen decennium draaide is dit onmiskenbaar zijn beste werk. Goed nieuws: SIMON vormt het eerste deel van een trilogie. Minder goed nieuws: zodra de twee volgende films (SEXTET en VOX POPULI) klaar zijn wil de regisseur de politiek in. Dat zou een groot gemis zijn voor de Nederlandse filmwereld.