wild.jpg

Wild

Wild

Je zou er een minifestival mee kunnen vullen: films waarin twintigers in hun ééntje op avontuur gaan. Op zoek naar zichzelf, of gewoon om te ontsnappen aan het juk van de jachtige samenleving. Na INTO THE WILD (2007), 127 HOURS (2010) en TRACKS (2014) is er nu WILD van de Canadese regisseur Jean-Marc Vallée. Hij verfilmde de gelijknamige autobiografische roman van schrijfster Cheryl Strayed en wist Hollywood-ster Reese Witherspoon te strikken voor de hoofdrol.

Strayed begint in WILD bijna onvoorbereid aan de Pacific Crest Trail, een beruchte wandeltocht van duizenden kilometers aan de westkant van de VS. Via flashbacks leren we gaandeweg haar voorgeschiedenis kennen: een gewelddadige vader, een moeder (Laura Dern) die een tweede leven begint maar vroeg overlijdt, een gecompliceerd huwelijk dat strandt in een scheiding. Via foute vriendjes raakt Strayed vervolgens verslaafd aan heroïne. Totdat ze radicaal met iedereen breekt en in een impuls besluit de zware trail te gaan lopen. Al snel blijkt dit geen walk in the park: blaren en pijn, hitte en kou, bergen en woestijnen, wilde dieren en enge randfiguren – alles komt op haar pad. Maar Strayed houdt vol, want ze wil haar leven weer op de rails krijgen.

Dat dit uiteindelijk lukt is niet de verrassing van de film. Nee: de grote verrassing blijkt Witherspoon. Na de veelgelauwerde Johnny Cash-biopic WALK THE LINE koos zij vooral voor veilige Amerikaanse komedies, maar nu laat de actrice zien ook zware rollen aan te kunnen. Een andere verrassing is de soundtrack. Net als in zijn eerdere films (CAFÉ DE FLORE, C.R.A.Z.Y.) gebruikt regisseur Vallée allerlei klassieke pop- en folksongs, met dit keer veel Simon&Garfunkel. In combinatie met de soms overweldigende natuurbeelden maakt dat WILD een lust voor oog én oor.