venus_in_fur.jpg

Venus in fur

Venus in fur icon_trailer.png

Net als generatiegenoot Woody Allen weet ook Roman Polanski – 80 inmiddels – maar niet van ophouden. En gelijk heeft ie, want met zijn recente films steekt de oude meester de jonge garde nog steeds de loef af. Na zijn spannende thriller THE GHOST WRITER en de ultravileine komedie CARNAGE komt Polanski nu met VENUS IN FUR. Niet te verwarren met het Nederlandse VENUS IN FURS uit 1994, al zijn beide drama’s geïnspireerd op hetzelfde boek: de erotische roman Venus im Pelz van de Oostenrijker Leopold von Sacher-Masoch – de naamgever van het sadomasochisme.

VENUS IN FUR draait om de Parijse Vanda (Emmanuelle Seigner), een actrice die haar zinnen heeft gezet op de hoofdrol in een nieuwe theaterbewerking van Von Sacher-Masoch’s beruchte boek over seksuele onderwerping. Om de rol te krijgen dwingt ze op de valreep een auditie af bij de regisseur/scenarist van het toneelstuk. Met deze Thomas (Mathieu Amalric) neemt ze uiteindelijk het hele stuk door, waarbij hij haar tegenspeler is. Dat leidt tot een gecompliceerd psychologisch spel van aantrekken en afstoten. Wie is er eigenlijk de baas van wie? De slaafse regisseur of de dominante actrice? Gaandeweg vervagen de grenzen tussen de rollen die ze spelen en wie ze in het echte leven zijn.

VENUS IN FUR is door Polanski opgezet als een eenakter, maar hij heeft er bepaald geen toneelstuk van gemaakt. De film zit bovendien vol dubbele lagen: zo is hoofdrolspeelster Seigner de echtgenote van Polanski en zitten er in het verhaal echo’s van zijn klassiekers REPULSION en MES IN HET WATER. Polanski speelt mooi met schijn en werkelijkheid en schotelt de kijker het ultieme Droste-effect voor: een filmverhaal over een toneelverhaal over een boekverhaal.