Hail, Caesar!

HAIL, CAESAR! heeft waarschijnlijk de grootste sterrendichtheid van het jaar. Turft u even mee? George Clooney, Scarlett Johansson, Tilda Swinton, Ralph Fiennes, Josh Brolin, Frances McDormand, Channing Tatum en komiek Jonah Hill – stuk voor stuk A-list sterren die normaliter een film in hun ééntje kunnen dragen. Voor regisseursduo Joel en Ethan Coen nemen zij echter genoegen met een kleinere rol en een veel kleinere gage, zolang ze maar met de briljante broertjes kunnen samenwerken. Want tsja, de Coens: die staan als meervoudig Oscar-winnaars (FARGO, NO COUNTRY FOR OLD MEN) toch zo’n beetje aan de top van de arthousefilm-piramide.

In HAIL, CAESAR! brengt het sterrenensemble een ode aan de Hollywoodfilms van de jaren vijftig. Centraal in de komedie staat fixer Eddie Marnix (Brolin), die bij de grote studio Capitol Pictures moet zorgen dat de productie van alle films gesmeerd blijft lopen. Daaraan heeft Marnix zijn handen vol. Zo moet hij een ontvoering oplossen van dé hoofdrolspeler van dé grote spektakelfilm van het jaar (een heerlijk dommige Clooney). Tegelijkertijd moet hij een buitenechtelijke zwangerschap van de promiscue actrice DeeAnna Moran (Johansson) uit de schandaalpers houden. Verder zit hij opgescheept met een gevierd western-acteur (Alden Ehrenreich) die geen teksten kan onthouden én met een dans-ster (Tatum) die een vuig dubbelspel blijkt te spelen met communisten.

Voor aficionado’s is HAIL, CAESAR! de ultieme film, want de Coens stopten hun komedie vol verwijzingen en remakes van beroemde producties uit de jaren vijftig. Van Romeinse films à-la BEN HUR tot Hitchcock-thrillers, van aquamusicals tot Gene Kelly-dansvehikels, etcetera – tot in de puntjes zijn ze nagemaakt, inclusief spetterend Technicolor. Dat alles wordt overgoten met typische Coens-humor: het maakt HAIL, CAESAR! vaak grappig, maar nooit een dijenkletser.